Saturday, May 19, 2012
Technologie in het Antonius Ziekenhuis
Najaar 2011 lees ik in Computable, dat in 2012 aan alle medewerkers van het Antonius Ziekenhuis smartphones worden verstrekt en aan een selecte groep ook tabletcomputers. Tot die selecte groep behoren vooral verpleegkundigen. Zodat ze niet naar een desktop pc moeten, maar ter plekke wanneer nodig gegevens kunnen raadplegen en invoeren.
Als aanleiding wordt genoemd, dat de telefooninfrastructuur van het ziekenhuis toe is aan vervanging. En dan is dit wel een innovatieve keuze. Het zou mij niet verbazen, als het te maken heeft met hun ICT-directeur.
(Op 14/2/2010 schreef ik een posting over het EPD van het Antonius Ziekenhuis. Daar werd over verteld tijdens een bijeenkomst, die was georganiseerd door NoiV, Nederland Open in Verbinding. En wel omdat dit EPD gebaseerd is op open source software. De ICT-directeur is een arts, die ooit begon met automatisering van huisartspraktijken; uiteindelijk leidde hij een softwarebedrijf voor automatisering van huisartspraktijken.)
Want het getuigt van visie om een stap te maken, waarbij ziekenhuismedewerkers nog beter en sneller de medische gegevens kunnen gebruiken. En zo'n nieuwe interface (want dat zijn tablets en smartphones) heeft alleen toegevoegde waarde, als de onderliggende gegevenarchitectuur goed is. En dat is dus het EPD waarin het Antoniusziekenhuis al jaren heeft geïnvesteerd.
Zie hieronder het persbulletin over deze ontwikkeling:
QUOTE
St. Antonius Ziekenhuis gaat over op smartphones & tablets
St. Antonius Ziekenhuis, 11 oktober 2011, 14:55 uur.
Het St. Antonius Ziekenhuis gaat medio volgend jaar, in samenwerking met Vodafone en Dimension Data, over op smartphones en tablets. Hiermee is het St. Antonius het eerste ziekenhuis in Nederland dat op grote schaal – 5500 medewerkers in totaal – met smartphones en tablets gaat werken. Om het zorgproces nog beter te ondersteunen, wordt de hele communicatie-infrastructuur vervangen. Hierbij gaat vaste telefonie over in mobiele telefonie. Door de communicatie-infrastructuur te verbeteren kan efficiënter gewerkt worden en wordt de bedrijfszekerheid verder verbeterd. De tijd die hiermee wordt bespaard, kan weer aan de zorg voor de patiënt worden besteed.
Het vervangen van de communicatie-infrastructuur maakt het mogelijk om naast mobiele telefonie ook mobiele toegang tot ziekenhuissystemen te realiseren middels het 3G netwerk. Zo krijgen artsen en verpleegkundigen van het St. Antonius mobiel toegang tot het elektronisch patiëntendossier van het ziekenhuis. Ze kunnen hierdoor bijvoorbeeld patiëntendossiers aan het bed bekijken en bewerken op tablets. Ook heeft men direct inzage in de beschikbaarheid van collega’s. De afdeling ICT van het St. Antonius werkt, in samenwerking met Vodafone en Dimension Data, aan de ontwikkeling van steeds meer mobiele applicaties.
Bedrijfszekerheid
Door de communicatie-infrastructuur te verbeteren wordt ook de bedrijfszekerheid groter. Door gebruik te maken van ‘virtual national roaming’, een techniek waarmee in geval van nood een netwerk van een andere mobiele provider gebruikt wordt, blijft het ziekenhuis te allen tijde bereikbaar.
Daarnaast is veel aandacht besteed aan de beveiliging van het netwerk en de smartphones en tablets, omdat privacygevoelige gegevens geraadpleegd kunnen worden. De medewerkers van het St. Antonius werken op het beveiligde netwerk van het ziekenhuis. Bovendien worden de smartphones en tablets zelf ook extra beveiligd. Zo kan in het geval van diefstal of verlies op afstand informatie op de apparaten gewist worden en kan het apparaat onbruikbaar gemaakt worden.
Vodafone en Dimension Data zijn momenteel bezig met de technische voorbereidingen om de overgang op mobiel (data)verkeer mogelijk te maken. Vodafone verzorgt het netwerk en ondersteunt bij het beheer van de smartphones en tablets. Dimension Data richt een volledig nieuw Avaya-communicatiesysteem in en voert het technisch projectmanagement uit. Het St. Antonius heeft voor deze partijen gekozen omdat hun geboden oplossingen het best aansluiten bij de ambities van het ziekenhuis. Beide partijen hebben veel technische expertise en ervaring in de zorg.
UNQUOTE
Tuesday, May 1, 2012
Regelarme instellingen
Het kabinet Rutte heeft als een doelstelling om de bureaucratie in Nederland reduceren. Zowel binnen overheid, semi-overheid als bedrijfsleven.
Minder regelgeving geeft ondernemers en instellingen ook de kans om minder energie te besteden aan bureaucratie en meer tijd aan hun eigenlijke kernproces.
Heel verrassend vind ik de actie van staatssecretaris Veldhuijzen op de valreep van het jaar 2011:
quote
27 december 2011 -
VWS
Overbodige administratieve lasten moeten verdwijnen en daar is een experiment regelarme instellingen voor nodig. Dat schrijft staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten (VWS) op 27 december 2011 aan de Tweede Kamer in de brief 'experiment regelarme instellingen'. Met de resultaten zet de staatssecretaris de aanval in op bureaucratie in de langdurige zorg. Door minder tijd te besteden aan papierwerk is er meer tijd voor de cliënt en wordt het werk in de zorg aantrekkelijker.
Veldhuijzen van Zanten wil dat mensen die werkzaam zijn in de verpleging plezier in hun werk hebben zonder overbodige administratieve rompslomp. Daarom start met ingang van 2012 het experiment regelarme zorginstellingen. Er is een inventarisatie gemaakt van regels in de zorg die wellicht niet nodig zijn. Als blijkt dat de kwaliteit van de zorg ook goed blijft zonder zo'n regel, dan verdwijnt die regel voor de hele zorg. Dit bespaart tijd en geld. De zorginstellingen mogen dat geld houden. Alleen al door te standaardiseren kan een besparing van meer dan honderd miljoen euro worden geboekt.
Massaal gehoor aan oproep staatssecretaris
Zorgaanbieders in de langdurige zorg hebben massaal gehoor gegeven aan de oproep van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten in juli 2011 om hinderlijke regels te melden. Door circa 230 zorginstellingen zijn in twee maanden tijd zevenhonderd meldingen gedaan. De regels die gemeld zijn worden de komende tijd aangepakt.
Daarnaast hebben zorginstellingen voorstellen gedaan om als instelling te mogen experimenteren met minder regels. In het nieuwe jaar gaan 28 zorgaanbieders van start met het experiment. Twee van hen, Opella en De Hoven, gaan zelfs volledig regelvrij werken. Zij gaan luisteren naar de vraag van de cliënt en kijken dan welke regels echt nodig zijn.
Het experiment regelarme instellingen is een van de maatregelen van dit Regeer- en gedoogakkoord.
Vanaf 27 december 2011 lapt zorgorganisatie Opella de regels letterlijk aan haar laars. De organisatie neemt deel aan een experiment van het ministerie van VWS om de uitdijende bureaucratie in de zorg een halt toe te roepen.
Schrappen van regels betekent dat Opella veel klantgerichter kan gaan werken. Met functionele regels, in plaats van onnodige regels.
De klant merkt dat direct
Schrappen van regels betekent dat de medewerker meer tijd krijgt voor de klant. De medewerker hoeft immers niet meer allerlei gegevens te registreren. Met de klant wordt afgesproken welke ondersteuning hij of zij graag wil. Deze afspraken worden vastgelegd in een plan. Voor de ene persoon betekent dit meer tijd voor een dagelijkse wandeling; de ander geeft liever de voorkeur aan een goed gesprek of een keer samen iets lekkers bakken. De nieuwe aanpak start op Opellalocatie Walraven in Bennekom en wordt daarna verder uitgerold over de organisatie. In Walraven wonen zo'n 100 mensen zelfstandig in 68 appartementen, indien nodig met zorg en ondersteuning van Opella. Verder zijn er twaalf kleinschalige woningen, waar elk zes mensen met dementie wonen.
Kleine diensten
Opella is zorgondernemer op de zuidelijke Veluwe. Zij bestaat in 2012 tien jaar en telt 2300 medewerkers en ruim 3500 klanten. Opella betekent letterlijk 'kleine dienst'. Kleine diensten met een grote waarde staan centraal. Met deelname aan het VWS-project benadrukt Opella haar klantgerichte en vooruitstrevende karakter. Het project past in de ontwikkeling die de organisatie de afgelopen jaren doormaakte om vooral als dienstverlener beschikbaar te zijn voor klanten en het verleden als 'instituut' achter zich te laten.
unquote
Ben benieuwd hoe dit uitpakt.
In de jaren tachtig zijn er soortgelijke acties geweest binnen de kwaliteitszorg. Ik herinner mij de OVA-techniek (Overhead Value Analysis). Op zeker moment is er steeds meer overhead gegroeid: regelgeving, controle, rapportages en zo voorts. Het probleem is, dat deze initiatieven begonnen zijn als middel om de kwaliteit te verhogen, maar uiteindelijk voor de bureaucraten een doel zijn geworden. Dat is het moment voor een grote schoonmaak.
Anderzijds zijn regels en procedures wel nodig voor preventie en controle. Je moet dus geen regels schrappen, waardoor je terugvalt naar JBF-kwaliteit (Jan Boere Fluitjes werk).
Deze veldhuizen van Zanten is een verademing. Ze brengt ook kletsmijers tot zwijgen....
Zal het experiment volgen. Over de aanpak wordt niks gezegd. Het moet natuurlijk geen zootje worden, want protocollen en regels hebben wel een doel (gehad). Probleem was alleen dat sommigen de regels en de protocollen als doel gingen zien; oude fout, zelfde gevolgen.
Overigens lijkt me naast de Zorg ook het Onderwijs een veld, waarin overbodige overhead aangepakt kan worden.
Ik hoop in de toekomst evalutaties te zien van deze Veldhuijzen-initiatieven.
Sunday, April 8, 2012
Nieuwe leider voor IBM
In Computable van 4-11-2011 het bericht, dat Virginia Rometty, 54, per 1-1-2012 de nieuwe CEO van IBM wordt.
In Amerika is een CEO echt nog het boegbeeld van een onderneming. De aanstelling van een nieuwe CEO zegt iets over de richting, die het bedrijf wil kiezen of wil houden. Bij Exxon waar ik ooit mijn loopbaan begon kende iedereen de CEO; dat was C.C. Garvin Jr. Gevraagd wat zijn belangrijkste taak was en hoe hij een bedrijf kon runnen met vestigingen in zeg 40 landen, met zeg 300.000 medewerkers en zeg 1000 fabrieken, antwoordde hij, dat hij vooral zijn opvolger moest selecteren en de 20 personen moest aansturen die aan hem rapporteren. Maar de crux is dus het selecteren van een opvolger. Natuurlijk zijn er management development systemen, die je vertellen wat het beschikbare potentieel is, maar het concreet kiezen van een opvolger is een omvangrijke taak.
Bij IBM was het jarenlang gebruik, dat een CEO uit eigen gelederen kwam, iemand die al tientallen'
jaren 'blauw gespoten was'. Maar zo rond 1990 hadden de commissarissen in de gaten, dat zo'n keuze in een snel veranderende wereld een recept voor mislukking zou worden. Want de mainframeboeren van IBM waren weliswaar succesvol ook de PC gaan bouwen, maar de wereld veranderde: Vroeger deden de IBM'ers zaken met de IT-directeuren van bedrijven, maar in toenemende mate waren het niet IT-directeuren maar de businessmanagers, die de besluiten namen over IT-aankopen. Die aankopen werden dus meer businessdriven en minder technology-driven. En zou een IBM CEO die uitdaging aankunnen, die helemaal was opgegroeid in het technologisch gedreven IBM? De commissarissen dachten van niet en benoemden voor het eerst een CEO van buiten.
Dat werd dus Louis Gerstner. En de herinnering aan deze geweldenaar zette mij aan om deze posting te schrijven. Op zijn Wikipedia-pagina is te lezen, dat Louis V. Gerstner in april 1993 aantrad als CEO van IBM. Hij had daarvoor successen geboekt bij American Express en RJR Nabisco. Ik kan mij herinneren, dat er discussie was of iemand vanuit de 'foodbusiness' leiding kon geven aan een technologiebedrijf.
Maar de commissarissen hadden goed gezien, dat er iemand van buiten nodig was om het ingedutte IBM te veranderen. Zij dwongen John Akers (een verkoper met een lang IBM-verleden) om af te treden en zochten een opvolger. Wikipedia zegt 'Gerstner is largely credited for turning around IBM's fortunes.” En: “Gerstner is credited for saving IBM from going out of business in the early 1990's.”
Niet gehinderd door een technologische achtergrond vanuit IBM, ging Gerstner bij de klanten langs en vormde zich een beeld, wat die klanten nodig hadden. IBM was niet langer gefocussed op hardware, maar hij liet de dienstverleningstak enorm groeien. En hij zette alles op het fenomeen internet, dat de zakenwereld ging veranderen.
Hij nam afscheid van OS/2 en de PC-divisie, zaken waraan veel IBM'ers aan verknocht waren; Gerstner zag dat het een bodemloze put was en dat de energie van het concern gericht moest worden op services en internet.
Na Gerstner kwam Sam Palmisano. Hij startte de campagne “Solutions for a smarter planet”, ICT combineren met maatschappelijke vraagstukken als watermanagement en groeiende steden. Hij wordt nu dus opgevolgd door Ginny Rometti als CEO, maar blijft nog aan als bestuursvoorzitter (onze Raad van Commissarissen).
Ginny Rometti heeft een technische achtergrond. Echte eigen kweek dus. Zij groeide via sales engineer naar consulting en integreerde in 2002 PWC. Ze gaf toen leiding aan ruim 100.000 consultants en is de verpersoonlijking van de ontwikkeling, dat IBM een servicescompany is geworden. En IBM's nogal sterke positie in mainframes is niets meer dan een schakel in het dienstenaanbod.
Laatste nieuws: In April is in de VS altijd het Masters Golftoernooi in Augusta, Georgia. Dit is misschien wel het belangrijkste van de 4 majors ter wereld. De organiserende golfclub, Augusta National, is echter een toonbeeld van conservatisme. Zo kun je alleen lid worden als je door de club gevraagd wordt. En degenen, die gevraagd worden, zijn grote bankiers, belangrijke politici en andere prominenten. En tot op heden heeft Augusta heeft nog nooit een vrouw toegelaten als lid. (Ze mogen er wel spelen als introducee, maar lid zijn is wat anders.)
Nu wil het geval dat IBM al zo'n 10 jaar de grootste corporate sponsor is van het toernooi. En dat alle CEO's van IBM in die periode (Akers, Gerstner, Palmisano) zijn gevraagd als lid van Augusta National. Een bekende feministe in de VS is nu een actie gestart. Volgens haar moet IBM hetzij een lidmaatschap eisen voor Virginia Rometti, hetzij haar sponsoring van het toernooi stoppen. Want als de commissarissen van IBM dat niet doen, geven zij het signaal af, dat Rometti niet gelijkwaardig is aan haar voorgangers. Goed punt, lijkt mij!
In Amerika is een CEO echt nog het boegbeeld van een onderneming. De aanstelling van een nieuwe CEO zegt iets over de richting, die het bedrijf wil kiezen of wil houden. Bij Exxon waar ik ooit mijn loopbaan begon kende iedereen de CEO; dat was C.C. Garvin Jr. Gevraagd wat zijn belangrijkste taak was en hoe hij een bedrijf kon runnen met vestigingen in zeg 40 landen, met zeg 300.000 medewerkers en zeg 1000 fabrieken, antwoordde hij, dat hij vooral zijn opvolger moest selecteren en de 20 personen moest aansturen die aan hem rapporteren. Maar de crux is dus het selecteren van een opvolger. Natuurlijk zijn er management development systemen, die je vertellen wat het beschikbare potentieel is, maar het concreet kiezen van een opvolger is een omvangrijke taak.
Bij IBM was het jarenlang gebruik, dat een CEO uit eigen gelederen kwam, iemand die al tientallen'
jaren 'blauw gespoten was'. Maar zo rond 1990 hadden de commissarissen in de gaten, dat zo'n keuze in een snel veranderende wereld een recept voor mislukking zou worden. Want de mainframeboeren van IBM waren weliswaar succesvol ook de PC gaan bouwen, maar de wereld veranderde: Vroeger deden de IBM'ers zaken met de IT-directeuren van bedrijven, maar in toenemende mate waren het niet IT-directeuren maar de businessmanagers, die de besluiten namen over IT-aankopen. Die aankopen werden dus meer businessdriven en minder technology-driven. En zou een IBM CEO die uitdaging aankunnen, die helemaal was opgegroeid in het technologisch gedreven IBM? De commissarissen dachten van niet en benoemden voor het eerst een CEO van buiten.
Dat werd dus Louis Gerstner. En de herinnering aan deze geweldenaar zette mij aan om deze posting te schrijven. Op zijn Wikipedia-pagina is te lezen, dat Louis V. Gerstner in april 1993 aantrad als CEO van IBM. Hij had daarvoor successen geboekt bij American Express en RJR Nabisco. Ik kan mij herinneren, dat er discussie was of iemand vanuit de 'foodbusiness' leiding kon geven aan een technologiebedrijf.
Maar de commissarissen hadden goed gezien, dat er iemand van buiten nodig was om het ingedutte IBM te veranderen. Zij dwongen John Akers (een verkoper met een lang IBM-verleden) om af te treden en zochten een opvolger. Wikipedia zegt 'Gerstner is largely credited for turning around IBM's fortunes.” En: “Gerstner is credited for saving IBM from going out of business in the early 1990's.”
Niet gehinderd door een technologische achtergrond vanuit IBM, ging Gerstner bij de klanten langs en vormde zich een beeld, wat die klanten nodig hadden. IBM was niet langer gefocussed op hardware, maar hij liet de dienstverleningstak enorm groeien. En hij zette alles op het fenomeen internet, dat de zakenwereld ging veranderen.
Hij nam afscheid van OS/2 en de PC-divisie, zaken waraan veel IBM'ers aan verknocht waren; Gerstner zag dat het een bodemloze put was en dat de energie van het concern gericht moest worden op services en internet.
Na Gerstner kwam Sam Palmisano. Hij startte de campagne “Solutions for a smarter planet”, ICT combineren met maatschappelijke vraagstukken als watermanagement en groeiende steden. Hij wordt nu dus opgevolgd door Ginny Rometti als CEO, maar blijft nog aan als bestuursvoorzitter (onze Raad van Commissarissen).
Ginny Rometti heeft een technische achtergrond. Echte eigen kweek dus. Zij groeide via sales engineer naar consulting en integreerde in 2002 PWC. Ze gaf toen leiding aan ruim 100.000 consultants en is de verpersoonlijking van de ontwikkeling, dat IBM een servicescompany is geworden. En IBM's nogal sterke positie in mainframes is niets meer dan een schakel in het dienstenaanbod.
Laatste nieuws: In April is in de VS altijd het Masters Golftoernooi in Augusta, Georgia. Dit is misschien wel het belangrijkste van de 4 majors ter wereld. De organiserende golfclub, Augusta National, is echter een toonbeeld van conservatisme. Zo kun je alleen lid worden als je door de club gevraagd wordt. En degenen, die gevraagd worden, zijn grote bankiers, belangrijke politici en andere prominenten. En tot op heden heeft Augusta heeft nog nooit een vrouw toegelaten als lid. (Ze mogen er wel spelen als introducee, maar lid zijn is wat anders.)
Nu wil het geval dat IBM al zo'n 10 jaar de grootste corporate sponsor is van het toernooi. En dat alle CEO's van IBM in die periode (Akers, Gerstner, Palmisano) zijn gevraagd als lid van Augusta National. Een bekende feministe in de VS is nu een actie gestart. Volgens haar moet IBM hetzij een lidmaatschap eisen voor Virginia Rometti, hetzij haar sponsoring van het toernooi stoppen. Want als de commissarissen van IBM dat niet doen, geven zij het signaal af, dat Rometti niet gelijkwaardig is aan haar voorgangers. Goed punt, lijkt mij!
Friday, March 16, 2012
EPD
Regelmatig wordt op deze weblog het Nederlandse EPD (Elektronisch Patiëntendossier) gevolgd. De laatste posting daarover was op 20/7/2011. Toen moesten we helaas constateren, dat het landelijke schakelpunt (LSP) voor het EPD was getorpedeerd door enkele fossiele digibeten in de Eerste Kamer. Maar in december 2011 is er dan goed nieuws.
De Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie laat weten:
http://www.npcf.nl/
'Als de patiënt er toestemming voor geeft kunnen medische gegevens straks veilig, betrouwbaar en elektronisch worden uitgewisseld. “Eindelijk”, zegt NPCF-directeur Wilna Wind. “We zijn blij dat we nu met de zorgaanbieders tot een akkoord zijn gekomen. Ze zien in dat een elektronische uitwisseling leidt tot verdere verbetering van kwaliteit van zorg.” Vandaag wordt een brief naar de Tweede Kamer gestuurd waarin de zorgaanbieders en de NPCF bekend maken tot een akkoord te zijn gekomen over een definitieve doorstart van elektronische uitwisseling van medische gegevens via het Landelijk Schakelpunt.'
Ik moest even prakkizeren, hoe die doorstart dan kan als de Eerste Kamer het wetsvoorstel heeft getorpedeerd. De conclusie is, dat door de actie van de Eerste Kamer de financiering van het LSP wegviel. Maar door de inzet van een aantal verlichte geesten in het land is ervoor gezorgd, dat zorgverzekeraars fondsen verstrekken. Zij zien natuurlijk het grote belang van deze ontwikkeling. En verder zal het ministerie van Volksgezondheid in de overbruggingsfase geld geven.
Tenslotte is het zo, dat zorgaanbieders nu niet verplicht zijn om aan te sluiten op het LSP; het is immers nu geen wet, maar een privaat initiatief.
Zo zie je maar dat fundamentele ontwikkelingen gewoon door de basis worden doorgedrukt. Het is niet te stoppen, want alle zorgaanbieders hebben gewoon een EPD, eenvoudigweg omdat daarzonder het werk in deze overbelaste branche onmogelijk is.
De enigen die nog geen EPD hebben zijn de patienten. Zelf ben ik alvast begonnen met het ordenen van mijn eigen gegevens (bloedonderzoek en andere gegevens), zodat ik niet afhankelijk ben van anderen. Het zijn tenslotte mijn gegevens! En aanbieders als Microsoft en Google kunnen je ook faciliteren bij het bewaren van de gegevens.
Ter informatie nog een bericht van 8 december 2011.
“”DEN HAAG - Er komt toch een Elektronisch Patiëntendossier (EPD), zonder dat de 3overheid daarbij is betrokken.
Huisartsen, ziekenhuizen, apothekers en de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie zijn het alsnog eens geworden over een doorstart van het EPD.
De organisaties richten een Vereniging van Zorgaanbieders op die verantwoordelijk wordt voor de uitwisseling van medische gegevens, zo schrijft minister Edith Schippers (Volksgezondheid) de Tweede Kamer donderdag.
Schippers is niet betrokken bij het plan, maar stelt eenmalig wel ruim 2 miljoen euro beschikbaar om regie en zeggenschap van de patiënten vorm te geven. 1,5 miljoen daarvan is voor het openhouden van het klantenloket tijdens de overgangsperiode.
Op verzoek van de Tweede Kamer riep de minister de betrokken partijen op het eerder vastgelopen overleg over het EPD te hervatten. Het College Bescherming Persoonsgegevens bekijkt de plannen op veiligheid en privacy.
Zorgverleners blijven het EPD gebruiken, de patiënten wordt om toestemming gevraagd en zij kunnen aangeven of hun gegevens landelijk mogen worden gebruikt.
Schippers denkt dat de nu gevonden oplossing tegemoetkomt aan de uiteenlopende opvattingen van Tweede en Eerste Kamer.
De Eerste Kamer haalde eerder dit jaar een streep door de elektronische uitwisseling van medische gegevens omdat dat niet veilig genoeg zou gebeuren. De Tweede Kamer wilde wel een EPD en vindt uitwisseling van belang voor de patiënt.
Eindelijk kunnen medische gegevens straks veilig, betrouwbaar en elektronisch worden uitgewisseld, reageert Wilna Wind, directeur NPCF. Zij vindt het belangrijk dat toestemming van de patiënt nodig is voordat zijn gegevens kunnen worden uitgewisseld.
De NPCF begint volgend jaar een project dat ertoe moet leiden dat straks iedereen die gebruik maakt van de gezondheidszorg, toegang heeft tot een persoonlijk gezondheidsdossier. Wind: ''Patiënten zijn als het aan ons ligt niet meer afhankelijk van de artsen om hun toegang te geven tot de eigen medische gegevens.””
Unquote
Hetgeen in de laatste alinea staat, juich ik van harte toe. Zet hem op, Wilna Wind!
De Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie laat weten:
http://www.npcf.nl/
'Als de patiënt er toestemming voor geeft kunnen medische gegevens straks veilig, betrouwbaar en elektronisch worden uitgewisseld. “Eindelijk”, zegt NPCF-directeur Wilna Wind. “We zijn blij dat we nu met de zorgaanbieders tot een akkoord zijn gekomen. Ze zien in dat een elektronische uitwisseling leidt tot verdere verbetering van kwaliteit van zorg.” Vandaag wordt een brief naar de Tweede Kamer gestuurd waarin de zorgaanbieders en de NPCF bekend maken tot een akkoord te zijn gekomen over een definitieve doorstart van elektronische uitwisseling van medische gegevens via het Landelijk Schakelpunt.'
Ik moest even prakkizeren, hoe die doorstart dan kan als de Eerste Kamer het wetsvoorstel heeft getorpedeerd. De conclusie is, dat door de actie van de Eerste Kamer de financiering van het LSP wegviel. Maar door de inzet van een aantal verlichte geesten in het land is ervoor gezorgd, dat zorgverzekeraars fondsen verstrekken. Zij zien natuurlijk het grote belang van deze ontwikkeling. En verder zal het ministerie van Volksgezondheid in de overbruggingsfase geld geven.
Tenslotte is het zo, dat zorgaanbieders nu niet verplicht zijn om aan te sluiten op het LSP; het is immers nu geen wet, maar een privaat initiatief.
Zo zie je maar dat fundamentele ontwikkelingen gewoon door de basis worden doorgedrukt. Het is niet te stoppen, want alle zorgaanbieders hebben gewoon een EPD, eenvoudigweg omdat daarzonder het werk in deze overbelaste branche onmogelijk is.
De enigen die nog geen EPD hebben zijn de patienten. Zelf ben ik alvast begonnen met het ordenen van mijn eigen gegevens (bloedonderzoek en andere gegevens), zodat ik niet afhankelijk ben van anderen. Het zijn tenslotte mijn gegevens! En aanbieders als Microsoft en Google kunnen je ook faciliteren bij het bewaren van de gegevens.
Ter informatie nog een bericht van 8 december 2011.
“”DEN HAAG - Er komt toch een Elektronisch Patiëntendossier (EPD), zonder dat de 3overheid daarbij is betrokken.
Huisartsen, ziekenhuizen, apothekers en de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie zijn het alsnog eens geworden over een doorstart van het EPD.
De organisaties richten een Vereniging van Zorgaanbieders op die verantwoordelijk wordt voor de uitwisseling van medische gegevens, zo schrijft minister Edith Schippers (Volksgezondheid) de Tweede Kamer donderdag.
Schippers is niet betrokken bij het plan, maar stelt eenmalig wel ruim 2 miljoen euro beschikbaar om regie en zeggenschap van de patiënten vorm te geven. 1,5 miljoen daarvan is voor het openhouden van het klantenloket tijdens de overgangsperiode.
Op verzoek van de Tweede Kamer riep de minister de betrokken partijen op het eerder vastgelopen overleg over het EPD te hervatten. Het College Bescherming Persoonsgegevens bekijkt de plannen op veiligheid en privacy.
Zorgverleners blijven het EPD gebruiken, de patiënten wordt om toestemming gevraagd en zij kunnen aangeven of hun gegevens landelijk mogen worden gebruikt.
Schippers denkt dat de nu gevonden oplossing tegemoetkomt aan de uiteenlopende opvattingen van Tweede en Eerste Kamer.
De Eerste Kamer haalde eerder dit jaar een streep door de elektronische uitwisseling van medische gegevens omdat dat niet veilig genoeg zou gebeuren. De Tweede Kamer wilde wel een EPD en vindt uitwisseling van belang voor de patiënt.
Eindelijk kunnen medische gegevens straks veilig, betrouwbaar en elektronisch worden uitgewisseld, reageert Wilna Wind, directeur NPCF. Zij vindt het belangrijk dat toestemming van de patiënt nodig is voordat zijn gegevens kunnen worden uitgewisseld.
De NPCF begint volgend jaar een project dat ertoe moet leiden dat straks iedereen die gebruik maakt van de gezondheidszorg, toegang heeft tot een persoonlijk gezondheidsdossier. Wind: ''Patiënten zijn als het aan ons ligt niet meer afhankelijk van de artsen om hun toegang te geven tot de eigen medische gegevens.””
Unquote
Hetgeen in de laatste alinea staat, juich ik van harte toe. Zet hem op, Wilna Wind!
Subscribe to:
Posts (Atom)